Op 17 maart 2006 heeft de Hoge Raad beslist dat het bizarre merk EROTISCH HUISHOUDTEXTIEL definitief niet kan worden ingeschreven voor alle waren en diensten waarvoor dit was gedeponeerd. Het merk was gedeponeerd in de Benelux voor een groot scala aan waren en diensten waaronder textiel.
De voorgeschiedenis is als volgt. Het Benelux Merkenbureau wilde het merk niet inschrijven, omdat de woorden "huishoudtextiel" en "erotisch" gangbare woorden zijn in de Nederlandse taal. De combinatie van deze woorden had een beschrijvend karakter voor waren en diensten die betrekking hadden op huishoudtextiel met een erotisch karakter.
Disclaimer
Het Hof Den Haag dacht daar anders over en meende dat het merk onderscheidend kon zijn voor diensten en waren die ver afstonden van de betekenis van de beide woorden. Het Hof maakte ambtshalve gebruik van een disclaimer, door het merk wel toelaatbaar te achten voor waren en diensten "voorzover niet betrekking hebbend op huishoudtextiel met een erotische karakter".
De Hoge Raad oordeelde dat deze disclaimer niet toelaatbaar was in het licht van recente jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie (Postkantoor arrest). Nu de merkdeposant niet zelf (voorwaardelijk) een disclaimer had voorgesteld of haar waren of diensten anderszins had beperkt, mocht het Hof dit ook niet ambtshalve doen. Het Hof is immers alleen bevoegd om te oordelen over een verzoek tot inschrijving van een merkdepot, zoals dat is voorgelegd.
Zo gaat het Beneluxmerk EROTISCH HUISHOUDTEXTIEL vooralsnog verloren en de deposant resteert slechts als troostprijs het alsnog deponeren van dit merk voor waren en diensten voorzover die niet betrekking hebben op huishoudtextiel met een erotisch karakter. Wel zou de deposant dan rekening moeten houden met de mogelijkheid dat het Benelux Merkenbureau die inschrijving weigert omdat dit voor sommige waren en diensten als misleidend wordt beschouwd.


